Brygida

Informatie
Geschreven door Brechtje
Geplaatst op 18 maart 2020
Hoofdcategorie Soft erotisch
Aantal reacties: 2
4732 woorden | Leestijd 24 minuten

Hoe dikwijls ik het al probeerde weet ik intussen niet meer, maar elke nieuwe poging om me terug op mijn leesboek te concentreren lijkt op voorhand gedoemd om te mislukken. Ik besluit om het voor vandaag maar op te geven en met een diepe zucht klap ik het boek dicht.
‘Wat spook jij uit?’ schreeuwen de grote, zwarte letters me vanaf de cover toe als ik het boek nog even in mijn hand ronddraai. Het verhaal heeft absoluut een boeiende plot en is in alle opzichten buitensporig ‘geestig,’ maar zelfs Sophie Kinsella kan mijn aandacht ditmaal niet vasthouden. Niet dat het aan mijn favoriete Engelse schrijfster ligt dat ik me niet langer met het hoofdpersonage kan vereenzelvigen. Nee, het heeft alles te maken met de vrouw die ik in de vroege namiddag op bezoek kreeg. Vanzelf gaat mijn blik alweer naar het papieren zakdoekje dat ze me bij het afscheid in de hand drukte. Niet het lapje tissue heeft mijn aandacht, wel het telefoonnummer dat  erop gekrabbeld staat. Ik betrap er mezelf op dat ik de cijfercombinatie al van buiten ken, terwijl dat eigenlijk nergens voor nodig is. Ik heb het nummer immers al lang in mijn mobieltje opgeslagen. Voor de zoveelste keer gaan mijn gedachten een paar uurtjes terug in de tijd, naar het moment waarop de deurbel weerklonk…

“Bri… Britt?" zei ik moeilijk slikkend, nadat ik de voordeur opende. De vrouw die tegenover me stond, gekleed in een mauve strapless topje met daaronder een fleurig gebloemde rok, zou ik uit duizenden herkennen. “Jij hier?”
“Ja. Dag Brechtje,” antwoordde ze, duidelijk even nerveus als ik. “Mag ik binnenkomen? Ik zou je graag iets duidelijk maken.”
Ik twijfelde. De manier waarop ze me bijna drie jaar geleden liet vallen, doemde weer in mijn hoofd op, zo helder alsof het gisteren gebeurde. Mijn verstand zei me dat ik de voordeur snel dicht moest gooien, maar iets in haar blik weerhield me daarvan. Secondelang staarden we elkaar aan zonder iets te zeggen, waarna ik het besluit nam dat het wellicht geen kwaad kon om te luisteren naar wat ze te zeggen had. Zwijgend zette ik een stap opzij en met een slap handgebaar nodigde ik haar min of meer uit om binnen te komen. Op het moment dat ze langs me heen de gang binnenstapte, herkende ik de vertrouwde geur van haar ‘eau de parfum’. Op de laatste Valentijnavond dat we samen waren had ik haar nog zo’n duur flesje cadeau gedaan. ‘BOSS Black, essence de Femme’… Er zijn in het leven nog steeds zekerheden, bedacht ik grimmig.

Britt wachtte niet op me en nog terwijl ik de voordeur sloot, liep ze al door naar de woonkamer waar ze ongevraagd plaatsnam op de bank. Zelf liep ik langs haar heen en zette me neer in de zetel tegenover haar. Om mezelf een houding te geven pakte ik de roman op waarin ik zat te lezen toen de bel ging en legde hem op het bijzet tafeltje.
“Je hebt de woonkamer heel anders ingericht," zei ze, nadat ze eerst ruim de tijd nam om rond te kijken.
“Ja, kort nadat jij weg was, heb ik…”
Abrupt hield ik op. Waarom zou ik haar vertellen dat ik na haar vertrek veel te snel in een nieuwe relatie was gestapt? Wanhopig op zoek naar genegenheid liet ik een leuk uitziende vrouw die ik amper vijf weken kende toe in mijn leven en in mijn huis. Al snel bleek die meid, veel jonger dan ik, een super jaloers type te zijn. Ze kon niet leven met het behang, de gordijnen en de meubels die Britt en ik destijds samen hadden gekozen. In naam van de liefde en vrede liet ik me overhalen om zowat het hele huis opnieuw in te richten. Mijn nieuwe liefde zat naar eigen zeggen krap bij kas. Het kwam er dus op neer dat ik, met uitzondering van de afschuwelijke, oranje overgordijnen, alles betaalde. Zotte kosten, zo zou snel blijken.

Samen schilderen en behangen lukte nog aardig, maar de zoektocht naar het nieuwe meubilair werd een heuse martelgang. Eigenlijk besefte ik toen al dat ik met de verkeerde vrouw in zee was gegaan, want vrijwel nergens geraakten we het zonder slag of stoot over eens. In de weken die volgden werden de discussies alsmaar talrijker en heftiger, tot de bom barstte. Twee maanden nadat de nieuwe meubels waren geleverd, kregen we slaande ruzie. Ondanks haar beloften en haar smeekbeden, heb ik haar nog diezelfde avond met pak en zak bij haar ouders afgezet. Het was genoeg geweest.
Moest ik dit alles echter ook gelijk aan Britt’s neus hangen? Ik dacht het niet.

“Wil je wat drinken?” vroeg ik in plaats daarvan.
“Nee, maar het is wel lief dat je het vraagt, Brechtje. Op zo’n vriendelijke ontvangst had ik eerlijk gezegd niet gerekend.”
“Ik probeer beleefd te blijven,” zei ik nors. “Vraag me niet om vriendelijk en aardig tegen je te zijn. Dat is me net één stap te ver.”
“Ik begrijp het,” antwoordde ze na een korte aarzeling, “zo’n antwoord verdien ik wel.”
“Britt,” zei ik met een zucht, “ik vraag me af wat je hier zoekt… Of zal ik maar ‘Brygida’ zeggen? Je bent nu immers een grote ster… Volgens mij heb jij tegenwoordig helemaal geen behoefte meer aan gewone stervelingen zoals ik. Eerlijk gezegd verwachtte ik niet dat ik je ooit nog zou zien… behalve op televisie dan.”
Het was niet helemaal mijn bedoeling maar ik besefte dat ik nogal sarcastisch over moest komen.
“Ik kon toen niets riskeren, Brechtje,” zei ze, in de verdediging schietend. “Dat weet jij ook wel. Het was veel te riskant om alles waar ik zolang voor geknokt had op het spel te zetten. Een lesbische relatie paste op dat moment niet in het ideale plaatje, dus zat er niets anders op dan bij je weg te gaan.”
“Waar jij voor geknokt hebt...? Ik dacht anders dat je destijds over mijn steun niet te klagen had.”
Het kon niet anders dan dat de barse ondertoon in mijn woorden haar opviel, want Britt boog het hoofd. Starend naar de nerveus samengevouwen handen in haar schoot deed ze er het zwijgen toe.

In mijn hoofd flitsten de jaren dat ik tijdens het weekend met haar stad en land afschuimde op zoek naar erkenning en roem, in sneltreinvaart voorbij. Geen free-podium of talentenjacht in Vlaanderen én Nederland of ik reed er met Britt naartoe. Ik deelde in haar zeldzame triomfen, maar veel vaker moest ik haar troosten en ondersteunen, als ze door een of ander omhooggevallen jurylid van zo’n zangwedstrijd genadeloos werd afgekraakt. Simpelweg omdat een plaatselijke kandidaat zo nodig die wedstrijd moest winnen. Britt had écht wel talent. Ze kon zingen als een nachtegaal, maar door dat soort publieke vernederingen brokkelde haar zelfvertrouwen en tegelijk het geloof dat ze ooit een keer ontdekt zou worden, langzaam af. Steeds vaker dacht ze erover om te stoppen met zingen en uitgerekend in die periode deed ik iets wat ik me snel zou beklagen.

Zonder haar medeweten schreef ik Britt in voor de pré selecties van ‘De Voice van Vlaanderen’. Het koste me flink wat moeite om haar te overtuigen om toch mee te doen, maar eenmaal zover geraakte ze probleemloos door de voorselectie. Nooit zal ik vergeten hoe dolgelukkig we elkaar backstage in de armen vielen nadat drie van de vier juryleden hun stoel hadden gedraaid bij de eerste televisieshow. Britt mocht door. Ook in de tweede ronde – de zo gevreesde ‘battles’ - had ze normaal gesproken moeten doorgaan, maar daar moest ze het afleggen tegen een rapper. Een verwijfde Gers Pardoel versie, die bij de ‘vakjury’ duidelijk meer in de smaak viel.
Wellicht zou Britt’s zangcarrière daar zijn geëindigd, ware het niet dat een Nederlandse manager haar die avond alsnog benaderde. De man in kwestie was een vlotte prater die beweerde dat hij in no time van Britt dé popster van de Lage landen zou maken. Vooraleer ik het goed en wel besefte, trok ze met die Hollander de grens over en was ik haar kwijt.

Door die flashback in mijn hoofd werd mijn humeur er niet bepaald beter op en ik was zeker niet van plan om dat naar Britt toe onder stoelen of banken te stoppen.
“Ach zo, jij ging bij me weg…” zei ik, pissig inpikkend op haar laatste woorden. “Zoals jij dat nu zegt, klinkt het alsof het je allemaal gewoon overkwam en dat jij daar geen enkele controle over had. Jij ging niet bij me weg, Britt… Jij sloot me compleet uit jouw leven! Je nam een ander telefoonnummer en je beantwoordde zelfs mijn mails niet meer. Misschien had je achteraf gezien wel groot gelijk. Als Brygida heb jij het helemaal gemaakt in Nederland en in Vlaanderen, maar voor mij was er geen plaats meer naast je. Zelfs niet in jouw schaduw. Hoe denk je dat ík me daarbij voelde?”
“Sorry, Brechtje,” zei ze, moeilijk slikkend. “Je hebt gelijk en daarom ben ik nu hier. Bij jou weggaan was namelijk de grootste vergissing van mijn leven.”
“Daar ben ik vet mee,” snauwde ik haar toe. “Wil jij nu beweren dat je het anders zou doen als je de klok terug kon draaien? Kom nou, dat geloof je toch zelf niet? Jij bent tegenwoordig Brygida, dé hipste popster van het moment. Ik geloof nooit dat je dat allemaal op het spel zou zetten voor mij.”
“Waarom denk je dat ik hier ben?” vroeg ze prompt.

Dat ‘hier’ was overigens plotseling wel heel erg dichtbij, want nog terwijl ze sprak was ze opgestaan en tot bij mij gekomen. Vooraleer ik goed en wel besefte wat er gebeurde, lagen haar handen in mijn nek en perste ze haar lippen op de mijne. Ik wilde haar helemaal niet zoenen, maar zodra ze merkte dat ik onder haar kussende lippen uit wilde komen, klemde ze haar handen stevig op mijn wangen en hield op die manier mijn hoofd gevangen. Met mijn lippen stijf op elkaar bleef ik me verzetten en probeerde om zo snel mogelijk weer vrij te komen. Daardoor had ik niet in de gaten hoe ze met haar knie mijn dijen uit elkaar duwde. Verbouwereerd door de vanzelfsprekende manier waarop Britt mijn weigerachtige houding negeerde, kwam mijn reactie alweer rijkelijk laat. In een ooghoek kon ik zien hoe ze al tussen mijn dijen stond. Langzaam zakte ze door haar benen, waardoor haar gebloemde zomerrok langs haar heupen omhoog schoof en als een dekentje over mijn schoot kwam te liggen. De streling van haar roomzachte dijen langs mijn huid riep herinneringen op aan iets wat ik met alle macht probeerde te verdringen. En toch… Het contact met Britt’s warme huid voelde zo teder en vertrouwd, zo sensueel ook, dat diep in mij gevoelens ontwaakten waar ik van schrok. Ik wilde dit toch niet!? Drie jaar lang gunde ze me geen teken van leven maar bij de allereerste, echte aanraking wist ze alle gevoelens en verlangens die ik ooit voor haar koesterde weer aardig op te poken.

Ergens realiseerde ik me wel dat ik me veel te gemakkelijk door Britt liet inpakken. Mijn verstand deed nog een laatste poging om de bovenhand te houden, maar tevergeefs. Mijn lichaam luisterde niet langer. Na ruim twee jaar zonder liefde of seksualiteit reageerde mijn lijf ongemeen fel op de prikkels die haar tong en haar strelende vingers bij me opriepen. Mijn verzet kalfde met de seconde verder af en weldra stopte ik dan ook mijn toch al vruchteloze poging om haar van me af te duwen. In plaats daarvan begonnen mijn handen haar nog altijd goddelijke lijf te strelen. Terwijl ik mijn lippen van elkaar deed en haar gretige tong ontving, schoven mijn vingers langs haar rug naar omlaag, over haar billen tot in haar kuiten. Toen ik ze al strelend terug op liet klimmen, schoven mijn handen onder haar rokje en mijn vingers kneedden vanzelf in het zachte, malse vlees van haar billen.

Mijn omslaande houding was Britt niet ontgaan want de druk van haar lichaam werd snel minder. Het volgende moment gleden haar handen van mijn wangen tot op mijn schouders. Ze haalde haar lippen van de mijne, waarna ze me glimlachend in de ogen keek. Het was die bijzondere, warme glimlach, die ik me zo goed herinnerde en die ik nog nooit had kunnen weerstaan. Ook nu niet, moest ik bij mezelf toegeven en tegelijk wist ik dat ontkennen geen zin meer had. Mijn hele wezen verlangde naar Britt en dus bande ik elke gedachte die dat verlangen kon verstoren resoluut uit mijn hoofd. Ik had haar lief en ik wilde haar liefhebben. Ik had haar nodig…

Zittend op de bank met Britt intussen schrijlings op mijn bovenbenen, sloot ik mijn armen om haar heen zoals ik in geen tijden iemand meer had omarmd. Britt keek me in de ogen en fluisterde hoe mooi, sexy en lief ze me vond en hoezeer ik het verdiende om bemind te worden. De kus die volgde was zacht en lieflijk. Ik genoot ervan hoe ze af en toe speels op mijn onderlip beet. Op een bepaalde manier voelde ik me vreemd, net alsof mijn geest leeg was. Ik wist niet wat ik moest denken, wat ik moest voelen of wat ik moest zeggen. Het enige wat ik wel zeker wist, dat was dat Britt me iets liet voelen wat ik al zolang niet had gevoeld én…  Ik vond het best heel erg aangenaam.

Toen Britt me steviger begon te kussen, ging ik daar spontaan in mee. Het voelde zo goed om na zo’n lange tijd nog eens heerlijk intiem te zoenen, dat ik haar vanzelf begon te strelen. Een nauwelijks hoorbaar zuchtje ontsnapte aan mijn lippen toen Britt mijn voorbeeld volgde. Eerst liet ze alleen haar linkerhand op en neer glijden over mijn rug. Niet lang daarna voelde ik hoe haar andere hand zich tussen onze lichamen naar omhoog wurmde. Al gauw wreven haar ervaren vingers door de stof van mijn T-shirt heen over mijn borstpartij. Een intense rilling deed me naar adem happen. Ik wist niet of ze het instinctief deed of dat ze bezig was om me uit te dagen, maar mijn hart bonkte bijna uit mijn borstkas. Dat bonken werd nog sterker toen ik, doorheen haar flinterdunne topje, aarzelend haar malse en veerkrachtige tieten begon te strelen.

Tegen de tijd dat haar hand onder mijn T-shirt schoof, leek het wel alsof we ons intussen al een eeuwigheid overgaven aan de zalige geneugten van de zachte en tegelijk ook zo wellustige liefde. Overmand door opwindende gevoelens, spinde ik tegen haar op toen Britt’s vingers de strijd aangingen met mijn bh. Mijn tong schoot voorwaarts op de hare bij het doelgerichte raffinement waarmee ze haar vingers tekeer liet gaan. Ze wist nog verdraaid goed hoe ze me gek kon maken en weldra kreunde ik dan ook zachtjes van genot. Blijkbaar had Britt hier bewust naartoe gewerkt want plots hield ze op met zoenen. Met een rood aangelopen hoofd en een niet mis te verstane, zwoele blik in haar ogen, keek ze me glimlachend aan.
“Zullen we op bed verdergaan?” fluisterde ze hees.

De schok die als gevolg van haar vraag door me heen ging was zo overweldigend dat het leek alsof iemand mij een confronterende spiegel voorhield. Waar was ik in godsnaam mee bezig?
“Nee, Britt,” reageerde ik met rillende stem, “Ik wil niet met je naar bed.”
Het moet zijn dat mijn reactie voor haar nog veel verrassender was dan voor mezelf, want ineens kostte het me niet de minste moeite om haar van me af te duwen. Het volgende ogenblik stonden we tegenover elkaar, met het salontafeltje tussen ons in als materiële buffer. Terwijl Britt met enkele nerveuze gebaren haar opgerolde topje omlaag trok en haar rok gladstreek, groeide bij mij de overtuiging dat ik, al was het op het nippertje, de enige, juiste beslissing nam. Ik had mezelf weer behoorlijk onder controle en besloot haar reactie eerst maar eens af te wachten. Die kwam er vrij snel.

“Brechtje…” stamelde ze, terwijl ze me aankeek met een blik vol ongeloof, “ik… ik dacht…”
“Wat jij dacht is me wel duidelijk,” onderbrak ik haar snel. “Sorry, dit had nooit mogen gebeuren. Het spijt me dat ik me zo heb laten gaan.”
“Het spijt je?! Betekent dit alles dan niets voor je?” vroeg ze, haar handen nerveus samen wringend.
“Nee..!” Het was tegen beter weten in maar dat moest dan maar. Mijn eerste betrachting was om zo snel mogelijk van haar af te komen en dat maakte in mijn ogen zo een leugentje wel verantwoord. “Ik denk dat je beter kunt gaan, Britt.”
“Ik begrijp dat je boos op me bent  om… omdat ik bij je wegging,” klonk het aarzelend, “maar ik zou niets liever willen dan dat het weer helemaal goed komt tussen ons.”
“Kraam geen onzin uit, Britt!” reageerde ik fel. “Jij hebt niet alleen mij, maar ook jezelf verloochend, of dacht je misschien dat ik dat niet meekreeg?”
“Mezelf verloochend? Hoe bedoel je?”
Haar stem klonk, merkwaardig genoeg, oprecht verbaasd. Iets zei me dat ik maar beter op mijn hoede kon zijn en geen discussie met haar aan mocht gaan.
“Jij hebt tegenwoordig toch een vriend die je overal mee naartoe zeult?” bitste ik haar toe. "Een zekere Herman… of ga je het bestaan van die man ook verloochenen?”

Gedurende enkele seconden keek ze me met grote, nietszeggende ogen aan, waardoor ik haar schaterlach niet voelde aankomen.
“Hoe… Hahaha…  Hoe kom je daar nu bij?” hikte ze.
Het leek wel alsof ik haar zojuist dé grap van het jaar vertelde. Het volgende ogenblik werd haar blik echter alweer ernstig.
“Denk jij nu echt dat ik me ooit tot het andere kamp zou kunnen bekeren? Als er iemand is die zou moeten weten dat zoiets absoluut niet mogelijk is, dan ben jij het wel, Brechtje. Dit kun je niet menen.”
“Ik meen het wel!” snoof ik.
Op een bepaalde manier voelde ik me in de hoek gedrumd. Het gevoel van onbehagen dat daarmee gepaard ging, zei me dat ik beter niet over die vriend was begonnen, maar nu kon ik uiteraard niet meer terug.
“Vorig jaar in de zomer las ik in ‘Dag Allemaal’ dat jij…”

“Meid, je moet niet alles geloven wat er in die boekjes staat!” onderbrak ze me streng en berispend. “Die Herman is een neef van mijn manager. Hij is wel een vriend maar niet meer dan dat. Voor het geval je aan mijn woorden zou twijfelen, wil ik er nog graag bij vertellen dat Herman honderd procent homo is en dat hij nog nooit een vinger naar me heeft uitgestoken. Dat zogenaamde ‘vriendje’ is een idee van mijn manager en is bedoeld om te voorkomen dat sommige van mijn jonge, mannelijke fans te opdringerig gaan worden. Sinds Herman me overal vergezelt, maakt dat specifieke deel van mijn publiek zich geen illusies meer en dat scheelt een hoop gedoe. Meer moet je daar echt niet achter zoeken, Brechtje.”

Haar ogen keken me smekend aan maar anderzijds liet de zelfverzekerdheid die doorklonk in haar stem geen ruimte voor twijfel. Ik begreep dat Britt de waarheid sprak en toch veranderde dat mijn gevoel van onbehagen niet. Desondanks stond ik met mijn mond vol tanden en een hoofd zo rood als een tomaat. Dat zij me tegelijkertijd zwijgend aan bleef kijken, maakte het er niet bepaald gemakkelijker op. Koortsachtig op zoek naar woorden die de beklemmende stilte konden verbreken, vond ik niet direct een manier om mijn pijnlijke misser goed te praten. Hoewel, pijnlijke misser… de drie jaar durende misser van Britt bleek achteraf gezien zoveel pijnlijker te zijn.
“Toch blijft er het feit dat jij me destijds genadeloos hebt gedumpt,” zei ik, moeilijk slikkend.
“Daar heb ik ontzettend veel spijt van. Juist daarom ben ik hier, al lijk jij dat niet te willen geloven. Brechtje, geef me alsjeblief een kans om het goed te maken.”

Terwijl ze het zei, stapte ze om het salontafeltje heen tot vlak bij mij. “Alsjeblief, Brechtje…” herhaalde ze, terwijl ze haar hand behoedzaam op mijn arm legde.
“Nee!” probeerde ik mijn stem beslist te laten klinken, tegelijk haar arm wegduwend.
Ik was niet bepaald van plan om me een tweede keer te laten inpalmen, daarvoor was de herinnering aan het verdriet op het moment dat ze bij me wegging veel te sterk.
“Het spijt me, Britt. Ik kan niet zomaar vergeten en vergeven. Ik kan niet doen alsof en daarom zou ik graag willen dat je nu weggaat.”
“Weet je het zeker?” vroeg ze na een kort moment van beladen stilte.
“Ja,”
Secondelang keek ze me zwijgend aan, maar dan griste ze haar handtas van het tafeltje en zonder me nog een blik te gunnen, liep ze in de richting van de hal. Net als bij haar aankomst wachtte ze ook nu niet tot ik de deur voor haar kon openen en stapte resoluut over de drempel.

Ik voelde me ontzettend ‘leeg’ toen ik haar nakeek en achter mijn oogleden prikten de tranen. Het getik van Britt’s naaldhakken op het betegelde tuinpad klonk irritant en luid. Ter hoogte van de brievenbus draaide ze zich onverwacht om en aarzelend keerde ze op haar stappen terug.
“Is dit het dan, Brechtje?” vroeg ze met een duidelijke snik in haar stem. “Is dit jouw definitieve besluit en mag ik niet langer hopen dat het ooit nog goed komt tussen ons?”
In eerste instantie had ik geen andere reactie in huis dan een plompverloren schouderophalen, want het zien van haar vochtige ogen deed ook bij mij een paar tranen over de wangen rollen.
“Het spijt me, Britt,” zei ik, zodra ik mezelf weer een beetje onder controle had. “Ik kan het niet aan om anoniem en stiekem in jouw schaduw te leven. Misschien kunnen we er vroeg of laat nog eens over praten, maar dan moet jij eerst bereid zijn om mij, net zoals vroeger, openlijk en volwaardig jouw levensgezel te laten zijn. Denk daar maar eens over na.”

Nadenken deed ze, dat zag ik direct, maar toen ze antwoordde was dat echter niet bepaald wat ik verwachtte.
“Kijk jij nog altijd naar ‘De Rode Loper’?” vroeg ze.
“Euh, ja…meestal wel,” reageerde ik verwonderd.
Wat die verwijzing naar dat programma rond alle denkbare grote en kleine medianieuwtjes dat sinds jaar en dag op weekdagen in de vooravond op de buis kwam met ons te maken had, was iets wat ik niet zo snel begreep.
“Vanochtend heb ik naar aanleiding van mijn nieuwe CD voor dat programma een interview gedaan. Ik denk dat jij daar vanavond maar eens naar moet kijken want ik heb daarin iets gezegd wat aardig dicht in de buurt komt van wat jij van me wil.”
Het volgende moment grabbelde ze in haar handtas. Ze haalde een balpen en een papieren zakdoekje tevoorschijn. Enkele seconden later duwde ze me het tissue doekje in de hand.
“Mijn telefoonnummer, Brechtje. De feiten spreken me misschien tegen maar ik hou nog altijd zielsveel van je. Sinds ik zo stom was om bij je weg te gaan, is er geen dag voorbijgegaan dat jij niet in mijn gedachten was. Als jij niets meer met me te maken wil hebben, dan is dat mijn verdiende loon. Ik zou het nog begrijpen ook en op termijn allicht accepteren, maar niet zonder dat ik er eerst alles aan gedaan heb om jou van mijn liefde te overtuigen.” Het klonk als een biecht… Alsof ze het aan me verschuldigd was.

Ik was in tweestrijd. Enerzijds had ik haar nogmaals willen toeschreeuwen dat het daarvoor te laat was. Anderzijds werden mijn gedachten heen en weer geslingerd tussen de gevoelens en intimiteit van vroeger en die van nauwelijks enkele minuten geleden, waardoor ik geen woord over mijn lippen kreeg.
Britt keek me doordringend aan. Haar ogen spraken boekdelen maar ook haar lippen bleven aanvankelijk stijf op elkaar.
“Brechtje,” zei ze uiteindelijk, “misschien was het niet verstandig van me om reeds vóór de uitzending bij je op de stoep te staan, maar het was sterker dan mezelf. Eerlijk gezegd was ik veel te bang dat je vanavond niet zou kijken en dat mijn persoonlijke boodschap aan jou niet zou aankomen. Een boodschap die trouwens ook in de tekst van mijn nieuwe single verwerkt zit, dat zul je vanzelf wel merken. Mijn excuses omdat ik jou hiermee zo onverwacht overviel, ook al hoop ik uit de grond van mijn hart dat je me straks zult bellen.”
“Ach…” reageerde ik aarzelend, “als ik jou was zou ik daar toch maar niet te fel op rekenen.”

Het tolde in mijn hoofd. Ik had tijd nodig, tijd om na te denken, tijd om naar dat programma te kijken en tijd om mijn gedachten terug helder te krijgen. Eerst moest ik door mijn boosheid tegenover haar heen zien te komen en dan misschien… misschien? Nee, ik wist niet wat daarachter lag, dat kon ik helemaal niet zeggen, zeker nu nog niet.
“Mag ik er misschien toch een beetje op hopen?” drong Britt aan.
“We zien wel,” mompelde ik, achteloos mijn schouders ophalend, omwille van het ‘laat me met rust’ commando dat mijn verstand me toeschreeuwde.

Inmiddels is het twee uur geleden dat Britt vertrok en toch lijkt het alsof haar geest nog steeds ronddwaalt in mijn huis. Haar vertrouwde BOSS Black geurtje lijkt nog in de woonkamer te hangen, al beeld ik me dat waarschijnlijk maar in. Na drie jaar is Britt plots weer allesoverheersend aanwezig in mijn huis, in mijn hoofd en in mijn hart. Het ergert me mateloos dat ze me heeft weten te raken tot in mijn ziel. Het onvermogen om haar ook maar één seconde uit mijn gedachten te weren wekt enkel maar innerlijke woede op en dus besluit ik om niet naar dat TV programma te kijken.

Een half uur later leg ik het papieren zakdoekje, dat ik al die tijd onbewust in mijn hand geklemd heb gehouden, naast me op de bank en voor de zoveelste keer draait mijn hoofd vanzelf in de richting van de wandklok. Nog een vol uur tot aan het zes uur journaal. Pas daarna begint ‘De Rode Loper.’ Ik heb besloten om niet te kijken, maar waarom lijkt de tijd tot aan dat programma vandaag dan zo traag te verstrijken?
Ach, de vraag stellen, is ze beantwoorden. Ik kan haast niet wachten op datgene wat Britt voor me in petto heeft. Als zij me zo graag terug wil dat ze er ten aanzien van heel Vlaanderen een publiekelijke verklaring voor over heeft, wie ben ik dan om niet naar dat interview kijken? Zoiets maak je immers niet alle dagen mee, zeker niet van een beroemdheid zoals Brygida.
Ik sus mijn geweten en binnen in mij wint mijn hart ondertussen de tweestrijd van mijn verstand. Plots schreeuwt elke vezel in mijn lichaam om Britt. Ja, ik wil haar, ik wil haar liefhebben… Als haar boodschap straks ook maar enigszins in de buurt komt van wat ik vermoed, dan bel ik haar meteen!

De zorg om het avondeten en de daarbij horende vaat zorgen voor wat welgekomen afleiding. Het is slechts tijdelijk. Eenmaal terug in de woonkamer plof ik even onrustig als voordien terug in de bank, naast het tissuedoekje dat me lijkt te wenken.
Britt’s geur wasemt me tegemoet. Vol van verlangen streelt mijn hand in een teder gebaar over het telefoonnummer, terwijl ik met de andere hand op de ‘on’ knop van de afstandbediening druk. De beelden van het Journaal die via de flatscreen op me afkomen zie ik wel, maar de inhoud van het nieuws gaat grotendeels aan me voorbij. Nee Brechtje! schreeuwt de eeuwige twijfelaar in mij. Doe het niet!

Tegelijkertijd dringt de vraag zich op hoe het zou zijn om met een grote ster samen te leven. Ik schrik bij de beelden die zich in mijn hoofd opdringen. Ben ik daar wel klaar voor? Dat ik Britt nog steeds liefheb, daar ben ik uit, maar zal ik mezelf wel gelukkig voelen in een leven vol glitter en glamour?
Inmiddels is het weerbericht voorbij en de omroepster van dienst geeft traditiegetrouw een overzicht van het hele avondprogramma, wat ze al even voorspelbaar afrondt met de woorden ‘maar nu eerst De Rode Loper.’
Tijdens de opsomming van de items die aan bod zullen komen slaat mijn hart een tikje over. Ja hoor, Brygida’s nieuwe single en het bijhorende interview zit ertussen…


Alle verhalen van: Brechtje

Fijn verhaal 
+4

Reacties  

Brechtje schrijft inderdaad niet al teveel maar wat ze schrijft is telkens zeer de moeite. Zo staat dit 'zonder seks' verhaal ook weer als een huis en ook ik kon me moeiteloos inleven. Wat het halfopen einde betreft... Voor mezelf heb ik dat direct ingevuld. Ja hoor, ze belt haar op ;)
Brechtje schrijft geen dozijn verhalen per jaar, maar als ze iets instuurt, dan heb je ook wat! Heerlijk om al die tegenstrijdige emoties te lezen en me daarin in te leven. Het is me echter niet duidelijk of er na dit (half)open einde nog een vervolg komt.